In Begijnendijk leidde de goedkeuring van twee verkavelingsaanvragen tot een fel debat in de gemeentepolitiek. De aanleiding was dat het gemeentebestuur besliste om in beide dossiers af te wijken van het advies van de omgevingsambtenaar.
De betrokken percelen liggen aan de Tremelosesteenweg en de Baalsesteenweg. Volgens oppositiepartij Samen-cd&v ging de meerderheid daarmee te soepel om met de regels rond bouwdichtheid. Het schepencollege benadrukt echter dat de beslissingen zorgvuldig werden genomen en juridisch onderbouwd zijn. De omgevingsambtenaar had in beide gevallen negatief geadviseerd omdat het aantal woningen volgens hem niet in verhouding stond tot de ligging van de gronden, die zich buiten de kern bevinden. “De richtlijn van vijftien woningen per hectare is niet gerespecteerd”, klinkt het bij de oppositie, die zich zorgen maakt over de verstedelijking buiten de dorpscentra. Schepen van Ruimtelijke Ordening David Janssens (MGB) weerlegt die kritiek. Volgens hem werd elk dossier afzonderlijk beoordeeld en kon de afwijking verantwoord worden. “De norm van vijftien woningen per hectare is een richtlijn, geen wettelijk vastgelegde grens”, lichtte hij toe. “In beide gevallen ging het om hoekpercelen, waar de situatie niet één op één vergelijkbaar is met gewone woonzones. We hebben voorwaarden opgelegd om de leefbaarheid te garanderen, onder meer over verharding en groenaanleg”, klinkt het.
Janssens wees er ook op dat de omgevingsambtenaar niet altijd de eindbeslissing neemt. “Het college moet een advies kunnen afwegen tegenover andere belangen, zoals de ruimtelijke context of het beleid rond wonen”, zo klinkt het. Hij herinnerde eraan dat ook in eerdere bestuursperiodes vergunningen werden toegekend tegen het advies van de omgevingsambtenaar. “Dat toont aan dat het systeem normaal functioneert”, aldus de schepen. De meerderheid ontkent met klem dat er sprake was van voorkeursbehandeling. Volgens de schepen past de beslissing binnen het gemeentelijk streven naar betaalbaar wonen. “Veel jonge gezinnen kunnen geen groot perceel meer betalen. Door ook kleinere kavels toe te laten, houden we bouwen toegankelijk en blijven jonge inwoners hier wonen. Het gaat om evenwicht vinden tussen ruimtegebruik, betaalbaarheid en woonkwaliteit”, zo besluit hij.