Na de commotie in Tremelo zorgt ook de hogere belastingfactuur in Begijnendijk voor heel wat reacties. De hogere onroerende voorheffing blijft beroering veroorzaken in Begijnendijk. Nadat de aanslagbiljetten werden verstuurd, uitten heel wat inwoners op sociale media hun ongenoegen over de hogere belastingfactuur. Ook oppositiepartij Samen-cd&v hekelt de beslissing van de MGB-meerderheid. Burgemeester Bob Michiels (MGB) benadrukt echter dat er geen sprake is van een pure belastingverhoging, maar van een bredere fiscale hervorming.
De discussie kwam op gang nadat een inwoner zijn aanslagbiljet ontving en vaststelde dat de gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing stegen van 755,67 naar 899. “Ik viel zowat van mijn stoel toen ik het bedrag zag”, schreef hij. Volgens hem ontbreekt een duidelijke uitleg over de bestemming van de extra inkomsten en werden inwoners onvoldoende geïnformeerd.
Onder zijn bericht volgden tientallen reacties van inwoners die aangeven dit jaar tientallen tot zelfs meer dan 200 euro extra te moeten betalen. Sommigen spreken van een zware financiële dobber en vragen zich af waarom de belasting zo sterk stijgt. Anderen wijzen erop dat gezinnen ook met andere kosten worden geconfronteerd, zoals investeringen aan de woning of de aanleg van een gescheiden riolering.
Ook oppositiepartij Samen cd&v Begijnendijk-Betekom reageert scherp. De partij benadrukt dat ze zich vanaf het begin tegen de verhoging verzette. “We hebben tegen deze belastingverhoging gestemd en gewaarschuwd voor de gevolgen. Vandaag krijgen de inwoners de rekening gepresenteerd”, zo klinkt het.
“Geen extra belasting, maar een taxshift”
Burgemeester Bob Michiels (MGB) nuanceert de kritiek. Volgens hem maakt de verhoging van de opcentiemen deel uit van een bredere taxshift waarbij de aanvullende personenbelasting tijdens deze legislatuur stapsgewijs daalt van 8 naar 7,2 procent.
“Het is niet correct om enkel naar de onroerende voorheffing te kijken”, stelt Michiels. “We kiezen bewust voor een verschuiving van de fiscale lasten. Terwijl de opcentiemen worden afgestemd op het Vlaamse gemiddelde van 899, verlagen we tegelijk de personenbelasting. Zo houden gezinnen netto meer over en brengen we Begijnendijk onder het Vlaamse gemiddelde voor de aanvullende personenbelasting.”
Volgens de burgemeester tonen cijfers van Belfius aan dat Begijnendijk jarenlang aanzienlijk minder inkomsten uit de onroerende voorheffing haalde dan vergelijkbare gemeenten. “In 2023 bedroegen die inkomsten 233 euro per inwoner, tegenover gemiddeld 425 euro in Vlaams-Brabant. Na de taxshift stijgt dat naar 311 euro per inwoner, terwijl de opbrengst uit de personenbelasting net daalt van 613 naar ongeveer 527 euro per inwoner. Er is dus sprake van een verschuiving, niet van een bijkomende belasting.”
Financiële uitdagingen
Michiels wijst er ook op dat de gemeente financieel onder druk staat. Hij verwijst naar een dalend gecumuleerd resultaat in het meerjarenplan van het vorige bestuur en naar een schuldverhoging met 4,25 miljoen euro die volgens hem kort na de gemeenteraadsverkiezingen werd beslist. Daarnaast stijgen ook de bijdragen voor politie en hulpverleningszone fors.
“We begrijpen dat elke belasting voelbaar is”, zegt de burgemeester. “Maar net daarom kiezen we niet voor losse maatregelen. Met deze taxshift willen we de gemeentefinanciën gezond houden, noodzakelijke investeringen mogelijk maken én tegelijk de personenbelasting verder verlagen.”
Ondanks die uitleg blijft de kritiek op sociale media aanhouden. Sommige inwoners verwijzen daarbij naar Tremelo, waar de hogere onroerende voorheffing inmiddels leidde tot een burgerpetitie met honderden handtekeningen. Ook in Begijnendijk gaan stemmen op om een gelijkaardig initiatief op te starten, al blijft het voorlopig bij oproepen op sociale media.