De stad Tienen neemt voortaan zelf de regierol op voor de verdere uitbouw van een kwaliteitsvol en toegankelijk aanbod van buitenschoolse opvang en activiteiten. Met een nieuw lokaal erkenningskader geeft de stad uitvoering aan het Vlaamse BOA-decreet (Buitenschoolse Opvang en Activiteiten) en wil ze kinderen en gezinnen extra ontwikkelingskansen bieden.
Het BOA-decreet geeft lokale besturen meer verantwoordelijkheid om buitenschoolse opvang en vrijetijdsactiviteiten beter op elkaar af te stemmen. Om die opdracht vorm te geven, werkte Tienen een lokaal erkenningskader uit dat de basis vormt voor een kwaliteitsvol en toegankelijk aanbod.
Sinds 2021 organiseert Ferm Kinderopvang, in opdracht van de stad, de voor- en naschoolse opvang in alle dertien Tiense basisscholen. Met het nieuwe BOA-beleid wil de stad echter verder gaan dan enkel opvang voorzien en ook inzetten op de ontwikkeling en het welzijn van kinderen en jongeren. “Buitenschoolse opvang is meer dan een plek waar kinderen hun vrije tijd doorbrengen”, zegt schepen Wim Bergé. “Het kan ook een omgeving zijn waar kinderen extra ondersteuning krijgen, bijvoorbeeld via huistaakbegeleiding op maat of door te werken aan sociale vaardigheden, weerbaarheid en emotionele ontwikkeling.”
Volgens de schepen wil de stad bovendien preventief aandacht besteden aan thema’s zoals schooluitval, mentaal welzijn en veerkracht. “Door hier al binnen de buitenschoolse context op in te zetten, kunnen we de kansen en ontwikkeling van kinderen en jongeren op langere termijn versterken.” Om die ambities waar te maken, richtte de stad een lokaal samenwerkingsverband op met verschillende partners. Tegelijk werd een erkenningskader uitgewerkt dat de kwaliteitsvoorwaarden vastlegt voor toekomstige initiatieven. Dat kader vormt de basis voor de verdere uitrol van het BOA-beleid in Tienen. “In de komende maanden gaan we op zoek naar partners die mee willen bouwen aan een kwaliteitsvol en toegankelijk aanbod van buitenschoolse opvang en activiteiten”, aldus Bergé. “We willen onderwijs, kinderopvang, jeugdwerk, sport en cultuur samenbrengen om een sterk en veelzijdig aanbod uit te werken.”
Vanaf september start een overgangsperiode waarin de nieuwe aanpak verder wordt getest en verfijnd. Daarnaast zijn er plannen om het binnenplein van het Vrijetijdscentrum opnieuw in te richten, zodat er meer ruimte ontstaat voor buitenschoolse activiteiten.