Zaterdag werd in de Tielt-Wingse deelgemeente Meensel-Kiezegem een eerste zogenaamde Struikelsteen gelegd
Meensel-Kiezegem bleef tijdens de Tweede Wereldoorlog lang gespaard van het geweld maar toen Gaston Merckx, verre familie van en bekend als Duitsgezinde, in 1944 vermoord werd op zijn weg naar de kermis, wilde zijn moeder een wraakactie. Er volgden twee razzia’s in de gemeente. Een eerste op 1 augustus, waarbij stationschef Oscar Beddegenoots, Petrus Vandermeeren en August Craeninckx ter plaatste werden doodgeschoten en vier vrouwen, tien mannen, een meisje en een jongetje werden opgepakt. Een tweede grootschalige razzia volgde op 11 augustus. Deze keer waren ook leden van de Wehrmacht en de SS aanwezig en zo’n 400 mannen gingen rond 4 uur ‘s ochtends alle huizen af. Om en bij de 80 mensen werden opgepakt en boer Jules Schotsmans werd vermoord. De bezetter stak zijn boerderij in brand omdat de Duitsers ervan uitgingen dat hij een Canadese piloot verborgen hield, de boer kwam om in de vlammen. Uiteindelijk zouden er amper acht van de 71 gedeporteerden na de oorlog terugkeren naar het dorp.
“In eerste instantie dachten de Duitsers aan een reeks terechtstellingen van gevangenen in het concentratiekamp van Breendonk maar onder impuls van oorlogsburgemeester Broos en verrader Flor Tielemans kwamen er twee razzia’s in Meensel-Kiezegem. Morren kwam in het vizier in een dossier aangelegd tegen veldwachter Daniel De Brier. De twee waren een schakel van vervalste aangiften en gemanipuleerde controles ten voordele van de boeren in de regio. Beiden werden opgepakt tijdens de razzia op 11 augustus”, vertelt Jo Peeters die in Tielt-Winge het Museum van de Weerstand uitbouwde.
Lees verder onder de foto