Maurice Ceusters uit Tielt-Winge werd 100 jaar en dat werd gevierd. Maurice woont nog altijd zelfstandig, doet de was en de strijk nog zelf en kan terugblikken op een rijk gevuld leven. “Het pekeshuis is niet aan mij besteed, dat is voor oude mensen”
Wanneer we bij Maurice op bezoek gaan ontmoeten we een kranige honderdjarige. Hij werd geboren op 11 september 1925 en woonde eerst in Bekkevoort. “Op de kermis kwam ik mijn toekomstige vrouw, Evelien Coekaerts, tegen en daardoor belandde ik in Tielt-Winge. We woonden eerst in Onze Lieve Vrouw Tielt, na de fusie werd dat Tielt-Winge. Het was grote liefde en dus volgde ik mijn hart. Ik zag de gemeente zo ongelooflijk veranderen, er werden veel huizen bij gebouwd.”
Werken vanaf elf jaar oud
Maurice komt uit een gezin met twee broers en drie zussen en was jarenlang metser, hij was ook meestergast maar was van meerdere markten thuis. Van kindsbeen af moest hij de handen al uit de mouwen steken. “Vanaf mijn elfde moest ik meehelpen met het afkappen van de bieten. Vanaf mijn veertiende moest ik ook mee het graan dorsen. We maakten ook bezems, we waren bezembinders. Elke week hadden we een volle wagon met nieuwe bezems en die leverden we dan aan iemand die ze verkocht. Tijdens de wereldoorlog verkocht hij die aan de Duitsers maar dat wist ik niet. Had ik het geweten had ik geen enkele bezem meer gemaakt want de Duitser zorgde voor veel ellende. Ik was net van school af en moest naar de grossist om er bloemen te halen toen er vliegtuigen overvlogen. Iemand riep mij binnen omdat het niet veilig was. Mijn vader, die na verloop van tijd ongerust was geworden, kwam mij zoeken en liet zich, toen hij vliegtuigen zag, vallen in het koren zodat de Duitsers dachten dat hij dood was. Die wereldoorlog was echt een nachtmerrie. De dochter van mijn nonkel werd gefusilleerd, wij overleefden de hel.”
Lees verder onder de foto.

Op zijn honderdste woont Maurice nog altijd zelfstandig - foto: Dirk Desmet
“Netels zijn het geheim om oud te worden”
De vrouw van Maurice overleed in 2006 en ook andere familieleden van Maurice zijn intussen overleden. “Mijn geheim voor een lang leven? Brandnetels en paardenbloemen. Vroeger waren netels het massagemiddel per definitie. Netels gebruikten we destijds om er soep van te maken en stoemp voor de patatten.” Op zijn bucketlist staat nog weinig, al wil hij wel graag bezig kunnen blijven. “Ik heb mijn hele leven hard gewerkt en ben nu nog graag bezig in de tuin. Mijn aardappelen voor de winter liggen al binnen bijvoorbeeld.”
Jong van geest
Dat Maurice zich nog jong voelt, kon ook dochter Anita ondervinden. “Op een bepaald moment moest hij naar de oogarts in Aarschot. Toen we naar de praktijk wandelden passeerden we een vrouw met een rollator. Toen ik hem zei dat dit misschien wel een goed iets voor hem was antwoordde hij mij dat hij geen oude mens was, de vrouw was jaren jonger dan hij. Zijn grootvader werd op drie dagen na 100 en mijn papa heeft altijd gezegd dat hij ouder wilde worden, al was het maar één dag”, zegt de dochter waarop Maurice meteen repliceert. “Ik heb al een mooi leven gehad. Mijn vrouw leren kennen en de geboorte van mijn kinderen (n.v.d.r.: Maurice kreeg samen met zijn vrouw drie zonen en een dochter) zijn sowieso de beste herinneringen. Een pekeshuis is iets voor oude mensen, niet voor mij. Wanneer ik niet meer in mijn tuin kan werken gaat het alarm af.” We wensen hem nog vele jaren en een gelukkige verjaardag.