De stad Tienen komt met een tienpuntenplan om de lokale economie te steunen nu we weer wat meer mogen. Elke inwoner krijgt een T-bon van 5 euro maar niet iedereen vindt dat een goed plan, zo blijkt uit de gesprekken die we opvingen op de terrassen.
Tiense ondernemers hebben, net zoals hun collega’s op andere plaatsen, door de coronamaatregelen een moeilijk jaar moeten door spartelen. Nu de teugels een beetje gevierd mogen worden, wil de stad met een tienpuntenpakket - je woont niet voor niets in Tienen en daarom wordt alles in tienvoud aangepakt - de lokale handel terug op dreef helpen. Dat doet ze door een aantal belastingen niet te innen of uit te stellen en verder door een promotiebudget van ? 20.000 uit te trekken. Hetgeen evenwel meteen in het oog springt - hierover is nog meer informatie op komst - is het schenken van een T-bon ter waarde van ? 5 aan elke inwoner die benut kan worden in de deelnemende handels- en horecazaken. Op die manier wil de stad de lokale handel en horeca een hart onder de riem steken bij de heropbloei van hun zaak.
Blonde deerne
? 5 voor ieder van haar inwoners? Een snelle berekening leert dat het algauw om ? 175.000 gaat, tenminste indien alle kinderen worden mee geteld. Naïevelingen denken algauw, die ? 5, gaan die het verschil maken? Waarschijnlijk niet voor het overgrote deel van de bevolking, voor mensen die hem drie keer omdraaien alvorens hem uit te geven, doet het dat wel.
Het ? 5 bonnetjesverhaal is al gauw gespreksonderwerp op de nog niet geluifelde terrassen van de Grote Markt. “Toch mooi van onze stadsbestuurders dat ze aan ons denken”, kirt een blonde deerne, nippend aan haar kir royal. “En met welk geld gaan ze dat betalen, denk je?” De verlepte kop onder een vettige haarbol kijkt haar smalend aan. Twee vraagtekens in de blauwe kijkers van het blondje. “Ik zal het je zeggen, kind, met jouw en mijn belastinggeld natuurlijk. Niet aan gedacht zekers?”
Het dametje kijkt beteuterd. “We gaan dat dubbel en dik betalen, juffrouw. Zouden ze daar aan de overkant al gedacht hebben hoe ze die bonnekes gaan versturen? De post werkt ook niet verniet zulle, of gaan ze die door hun personeel laten ronddragen in hunne vrije tijd.” De man windt zich meer en meer op terwijl hij zich omdraait en bevestiging zoekt bij andere cafébezoekers. “Hadden ze nu niet beter die stomme belasting op het huisvuil kunnen opdoeken en géén bonnekes uitdelen, het had hen twee keer een pak administratie bespaard!” En zich terug omkerend: “Awel, waar is ze nu naartoe?”