Landen geeft negatief advies voor geplande windturbines in Laar

Door: Patrick Breuls
Landen
Beeld: stadhuis Landen
Beeld: stadhuis Landen

Het stadsbestuur van Landen verzet zich tegen de komst van twee windturbines in de Brakouter te Laar. De plannen van Renner Energies Belgium NV stuiten op een ongewoon groot aantal bezwaren en blijken volgens het bestuur onvoldoende rekening te houden met de omgeving, natuur en omwonenden.

“Het lokaal bestuur van Landen brengt een ongunstig advies uit over de vergunningsaanvraag voor twee windturbines in de Brakouter, een open agrarisch gebied in Laar”, zo zegt burgemeester Didier Reynaerts (Open Landen). De aanvraag veroorzaakte een golf van protest tijdens het openbaar onderzoek, dat liep tot en met 26 december 2025. In totaal dienden 543 inwoners een bezwaarschrift in, voornamelijk uit bezorgdheid over de mogelijke impact op gezondheid, leefkwaliteit en lokale fauna.

Volgens het stadsbestuur bevestigt een intern onderzoek van het dossier die ongerustheid. De voorgestelde locatie en afmetingen van de turbines houden volgens Landen “onvoldoende rekening met de nabijheid van woningen” en veroorzaken “een onaanvaardbare impact op het open landschap”. De stad spreekt van een duidelijke schaalbreuk met de omgeving.

Daarnaast blijkt het project de natuurtoets niet te doorstaan. Uit de analyse blijkt dat er negatieve effecten te verwachten zijn voor kwetsbare en beschermde diersoorten, waaronder de grauwe gors. “De ecologische impact is aantoonbaar aanwezig en vormt een belangrijk knelpunt,” aldus het bestuur. Ook het gebrek aan maatschappelijk draagvlak speelt een rol. De grote hoeveelheid bezwaarschriften toont volgens het bestuur aan dat de plannen op deze specifieke locatie weinig steun genieten bij de bevolking.

Toch benadrukt Landen dat het negatieve advies niet betekent dat de stad tegen windenergie is. Het bestuur pleit voor een “meer doordachte locatiekeuze” en een betere ruimtelijke, ecologische en maatschappelijke inpassing. “We blijven bereid om constructief mee te denken over alternatieve locaties die wel aan de voorwaarden voldoen,” klinkt het. Het advies van de stad wordt nu doorgestuurd naar het Vlaams Gewest, dat bevoegd is om te beslissen over het al dan niet toekennen van de vergunning.