Een medewerker van de noodcentrale is door Binnenlandse Zaken op staande voet ontslagen wegens ongepast en denigrerend gedrag tegenover vrouwelijke collega’s. De man vocht zijn ontslag aan bij de Raad van State, maar die oordeelde onlangs dat het ontslag terecht was en de opgelegde sanctie ‘proportioneel’ blijft gezien de ernst van de feiten.
Volgens het dossier was de telefonist, die twee jaar geleden startte als tweetalige calltaker bij de noodcentrale 112, al van bij het begin betrokken bij meerdere incidenten. Tijdens zijn opleiding in Brussel zou hij vrouwelijke collega’s hebben beledigd en zich schuldig gemaakt aan ‘ongepaste aanrakingen’, zo lezen we bij HNB. Die feiten leidden toen al tot een eerste tuchtprocedure en zijn overplaatsing naar de noodcentrale in Vlaams-Brabant. Ook daar kwam de man opnieuw in opspraak. De directie werd op de hoogte gebracht van ‘denigrerende opmerkingen en ongepast gedrag’ tegenover medestagiaires en personeelsleden van de schoonmaakdienst. Zo schold hij een vrouwelijke collega uit voor ‘slet’ en noemde hij een andere medewerkster ‘de matras van het leger’. Tijdens een les sneerde hij bovendien naar een medestudent: ‘Hou uw muil, stomme trut’, nadat die een vraag stelde. Volgens getuigen verliet de vrouw geëmotioneerd het lokaal.
Daarnaast kregen ook andere medewerksters het zwaar te verduren. Twee poetsvrouwen meldden dat ze door de man ‘dikke’ en ‘Miss Piggy’ waren genoemd. De betrokkene verdedigde zich door te stellen dat hij enkel reageerde op een belediging die van hun kant zou zijn gekomen. Ondanks enkele stemmen binnen Binnenlandse Zaken die nog pleitten voor een laatste kans, besliste de directie 112 in april dit jaar om over te gaan tot onmiddellijk ontslag. In zijn verweer sprak de man van ‘slechte humor’ en ‘uitspraken die uit hun context werden gehaald’. De Raad van State volgde die redenering niet. In het arrest staat dat de reeks incidenten voldoende werd aangetoond en dat de tuchtmaatregel passend is. De rechters verwezen ook naar de moeilijke samenwerking van de man met lesgevers en collega’s. Binnenlandse Zaken stelde bovendien dat zijn gedrag een risico vormde voor de geloofwaardigheid en betrouwbaarheid van de noodcentrale, ‘waar burgers blindelings moeten kunnen rekenen op professioneel en respectvol personeel’. De beslissing tot ontslag blijft daardoor definitief overeind.