Het houtwerk in de Sint-Sulpitiuskerk krijgt een grondige opknapbeurt. Vooral de aanwezige klopkever wordt er verjaagd.
Met een hoogtewerker is een gespecialiseerde firma aan de slag om het schadelijke houten klopkevertje in de vijf grote altaren in sint Sulpitius Diest weg te halen. Het is een initiatief betaald door de kerkraad Sint jan Berchmans, het Stadsbestuur en Vlaamse gemeenschap Cel Onroerend Erfgoed.
Het beestje
De klopkevers vormen een familie van kevers uit de orde Coleoptera. In de volksmond spreekt men soms over houtworm terwijl het dus eigenlijk om keverlarven gaat. Deze kleine kevers hebben een langwerpige tot ovale vorm. De kleuren variëren van licht- of roodbruin tot zwart. De kop wordt meestal afgedekt door het halsschild. De lichaamslengte varieert van 2 tot 6 mm.
Dit insect boort vooral in het larvenstadium gaatjes in hout, waarbij het een kloppend geluid maakt. Ze kunnen veel schade toebrengen aan meubilair en ander hout.
De eieren worden afgezet op geschikt voedsel voor de larven.
De kleine klopkever of doodskloppertje, kleine houtwormkever of meubelkever treft men zeer dikwijls aan in Europa, waar het - vaak aanzienlijke - schade aanricht in hout dat toegepast wordt voor meubels, schrijnwerk en timmerwerk en, zoals het in de kerk van Diest gebeurd, aan gebeeldhouwde kunstwerken.
Maar daar wordt nu een einde aan gemaakt en zijn ook de ‘zittertjes’ van de koorbanken weer vrij van schadelijke bewoners.