De klokken van Zoutleeuw krijgen eigen boek

klokken van zoutleeuw
Samen met professor Jef Teugels hebben de Vrienden van Zoutleeuw het klokkenbestand van de stad in een boek gegoten. In totaal worden er 31 klokken belicht, waarbij er tal van interessante weetjes te ontdekken vallen.

Toen prof.em.Jef Teugels De Vrienden van Zoutleeuw contacteerde met de bedoeling het klokkenbestand van Groot-Zoutleeuw systematisch en met de nauwkeurigheid van de mathematicus te inventariseren, hebben ze geen ogenblik getwijfeld en hem naar beste vermogen geholpen bij dit omvangrijke en unieke  project. Ze hadden daar trouwens een goede redenen voor.  "We wisten dat Jef Teugels met de inventaris van het Leeuwse klokkenbestand niet aan zijn proefstuk toe was", aldus voorzitter Guido Coningx. "De gedrevenheid, waarmee hij in deze toch wel speciale branche al een tijdje actief was, creëerde ook bij ons in Zoutleeuw  dan hoge verwachtingen, waardoor we niet getwijfeld hebben om toe te happen."  

Het bleek een juiste beslissing, de vrienden werden immers in hun verwachtingen zeker niet teleurgesteld.  De klokken van 9 kerken en kapellen (St.-Odulphus Booienhoven, O.L.V. van Zeven Weeën Bos,  St.- Cyriacus Budingen, St.-Bartholomeus Halle, St.-Martinus Dormaal,  St.-Laurentius Helen, St.-Leonardus, de St.-Elisabethkapel en de O.L.V.-kapel van de Ossenweg Zoutleeuw) werden geïnventariseerd en van de nodige foto's voorzien. 

Tevens werden er tal van interessante weetjes in de inventaris opgenomen.

Zo leert het boek de lezers dat in de vieringtoren van de Sint-Leonarduskerk de alleroudste bewaard gebleven beiaardklokken ter wereld hangt. De zeven klokken maakten deel uit van een reeks van negen klokken uit 1530 in situ gegoten door de Mechelse klokkengieter Medard Waghevens. Door de eeuwen heen werd aan de beiaard bijgebouwd. Pas in 1963 werd een volledig nieuw instrument geplaatst. De zeven overgebleven Waghevensklokken werden niet gesmolten, maar bleven hangen in de openingen van de vieringtoren. Ze zijn nu de niet bespeelde museumklokken, terwijl de 39 bespeelbare lichte klokken centraal in de vieringtoren geplaatst werden. "In Zoutleeuw zie je dus niet wat je hoort en hoor je niet wat je ziet.", aldus Coningx.

Verder gaat het boek ook in op de ravage die de Tweede Wereldoorlog heeft aangericht in het klokkenbestand in Vlaanderen. Op 1 november 1941 eiste de Duitse bezetter alle klokken op om zo aan koper en tin te geraken, dat nodig was voor de verpakking van voedsel in blikken dozen, dat vanuit Duitsland naar de verschillende bezette gebieden gestuurd werd. Vertragingsmanoeuvres door de kerkelijke overheid voorkwamen de onmiddellijke uitvoering van deze opeising. Het Ministerie van Onderwijs richtte in 1943 een commissie op, waarin de volgende afspraken gemaakt werden:

  • Beiaarden en torens met slechts één klok moesten gespaard blijven;µ
  • In torens met meer dan één klok moest minstens één klok – mestal de kleinste – blijven hangen;
  • Historische klokken van vóór 1700 moesten onaangeroerd blijven.

Na de oorlog nam de Belgische overheid het initiatief om de in 1943-44 verloren gegane klokken te vervangen. Bijna in alle toren van Oost-Brabant vinden we voorbeelden van zulke vervangingen. In Groot-Zoutleeuw werden klokvervangingen uitgevoerd  in Budingen, Dormaal, Halle en Zoutleeuw.

Hebben we uw interesse opgewekt naar de klokken van Zoutleeuw? Dan kan u een mail sturen naar  guido.coningx@skynet.be waarin u deze interesse uit.  Omdat de  oplage van het boek tot 150 exemplaren beperkt werd, wordt u dan verteld of er nog boeken kunnen worden besteld. Als u een boek kan bestellen dient u 18 euro per boek over te schrijven op rekening van de vzw BE70 4589 1697 4125.  Na ontvangst van het bedrag op de rekening, wordt het boek verzonden naar het opgegeven adres. 

Lees meer over